In het najaar beginnen zich de bloem knoppen te ontwikkelen. Die in Nederland in maart en april beginnen te bloeien. In de Mediterrane landen bloeit de amandelboom al in februari. De bloesem van de zoete soorten (Prunus Dulcis )zijn wit van kleur. De zoete noten kunnen gegeten worden en ze worden gebruikt voor gebak, noga, marsepein en amandelolie. De bloesem van de bittere soorten zijn roze van kleur en worden gebruikt voor bittere amandelolie. Maar deze wordt maar weinig gebruikt. Het eten van 15 bittere amandelen kan al dodelijk zijn voor de mens, ze kunnen cyanide (blauwzuur) bevatten een zeer giftige stof. De bloemen hebben een rijk aan nectar waar veel soorten insecten op afkomen. De amandelboom is eenhuizig dus zelfbevruchtend en wordt door insecten en bestuiving bevrucht. Nadat de bloesem is uitgebloeid ontwikkeld deze zich tot een fluweel behaarde vrucht. Van eind augustus tot eind oktober scheuren de vruchten open en vallen de amandelnoten op de grond. De vruchten moeten niet geplukt worden maar na het afvallen verzameld worden. Laat de amandelen nog een tijd drogen in de zon of op de verwarming. Het oogsten van amandelbomen in Nederland is eind oktober. Meestal zitten in de noten geen amandelen het zijn vaak loze vruchten. Pluk de vruchten die niet gevallen zijn voor de eerste nachtvorst, anders worden ze bitter van smaak. Een amandelboom geeft pas na het zesde jaar zijn eerste vruchten.